Cultureel Erfgoed – Delft

Je kunt natuurlijk het toeristentreintje pakken, of de rondvaartboot, de fietstaxi of de paardentram, maar het aardige van Delft is nu juist dat je de oude stad lopend het best kunt verkennen. Zet de auto maar in de parkeergarage, dan zíé je wat. Deksels Delft, barstensvol historie. Levende historie, want de binnenstad mag dan één groot openluchtmuseum zijn, het is hier geen dooie boel. Alom cafés, terrassen en gezellige knijpjes, wat wil je met 15.000 studenten?

Wie Delft zegt, zegt Oranje. Het museum Prinsenhof, waar Willem van Oranje werd vermoord, de Nieuwe Kerk met z’n praalgraf, de koninklijke grafkelder en z’n op de Dom na hoogste kerktoren van Nederland. Nog altijd is deze kerk de meest bezochte bezienswaardigheid van Delft, maar ook de indrukwekkende Oude Kerk met z’n scheve toren trekt jaarlijks bijna een kwart miljoen bezoekers.

Delft is ook Vermeer, al is er niet één Vermeer meer in Delft. Hugo de Groot en Antoni van Leeuwenhoek werden in Delft geboren. Piet Hein en Maarten Tromp liggen er begraven. Delfts blauw wordt er gemaakt, al heeft verreweg het meeste aardewerk dat wereldwijd onder deze merknaam wordt verkocht, Delft nooit gezien.

Doe Delft maar gerust op je eigen houtje, bij het Toeristen Informatie Punt midden in de oude stad hebben ze stadswandelingen rond de thema’s Oranje, Vermeer en Historie. Je kunt ook naar het Legermuseum, naar het voormalig woonhuis van de schilder-verzamelaar Paul Tétar van Elven, je kunt lekker gaan griezelen in reptielenzoo Serpo of de oude hofjes van liefdadigheid bezoeken of de Botanische Tuin van de TU Delft met meer dan 3000 plantensoorten – er is zó veel.

Maar als ze míj vragen wat mij is bijgebleven van mijn dagje Delft, dan zijn het vooral de hartelijke Delftenaren. Koster Jan Kouwenhoven van de prachtig gerestaureerde Maria van Jessekerk, bijvoorbeeld. Hij had de neogotische kruisbasiliek uit 1882, vlakbij de Markt aan de Burgwal, tegen vieren net afgesloten om naar huis te gaan, toen wij kwamen aanlopen. Geen enkel punt, kom binnen en kijk gerust nog even rond in het rijk beschilderde interieur met z’n schitterende Jugendstil-lampen en altaarstukken van verguld houtsnijwerk! Nee, ons beroemde Maarschalkerweerd-orgel met z’n 2500 pijpen is momenteel in restauratie bij Elberse in Soest. “Over twee jaar is het klaar en dan komen er natuurlijk weer volop concerten!” Het lijkt wel Belgie, maar toch…

“Wandel maar rustig rond en als er vragen zijn, hoor ik ‘t wel”, zegt bode Ineke Dessens van het oude stadhuis aan de Markt, pal tegenover de 108 meter hoge toren van de Nieuwe Kerk. “Kijk, daar bij de trap staat in een vitrine de uitvinding van Antoni van Leeuwenhoek: de microscoop.” De beroemde wetenschapper was zelf nota bene ook nog kamerbewaarder, van de Schepenen van Delft. Een oud-collega dus, van Ineke. “De opa van mijn moeder was bode en veldwachter in Wateringen”, vertelt Ineke trots en ze laat de bodebus zien, het ceremoniële insigne van de Delftse stadsbode. “Boven heb je een mooi uitzicht over de Markt, kom maar even mee.”

Gastvrij Delft, gewend om gasten te ontvangen. Zoals in café Het Wapen van Delft aan de Markt (‘Onze erwtensoep staat warm!’), waar ze er helemaal niet van opkeken toen Bill Clinton er onverwacht poffertjes kwam eten. Ze hebben er wel snel een fotootje van gemaakt, van Bill. Hangt nu aan de muur.

Bij Sanny de Zoete aan de Verwersdijk is het ook een zoete inval. Sanny is beroemd, want ze heeft ‘s werelds mooiste huishoudtextiel. Design linnengoed voor bijzondere gelegenheden, wereldvermaard zijn haar linnen damast maattafellakens en in de veelbesproken reeks gebruiksdoeken is uiteraard het ‘doekje voor de dijen na het vrijen’ populair, evenals het ‘doekje voor de heren na het scheren’. Maxima bestelde hier haar linnengoed en Sanny kan er leuk over vertellen.

Ga lekker lunchen bij Kleyweg’s ‘Stads-koffyhuis’ aan de Oude Delft en vergeet daar niet de geheel Delfts blauwe toiletten te bezoeken, wat een feest! Alleen al langs de grachten in de binnenstad telt Delft meer dan zeshonderd rijksmonumenten, zestig bruggen en bruggetjes en bij de Visbanken, al sedert eeuwen de centrale plaats voor de vishandel, kun je een heerlijk vers visje verschalken. Galerie Terra aan de Nieuwstraat heeft het mooiste hedendaagse keramiek, Delft blijft keramiekstad. In mei bestaat de galerie van Joke en Simone twintig jaar en dat wordt uitbundig gevierd.

Wat een heerlijk doolstadje, dat Delft. Kobus Kuch aan de Beestenmarkt heeft de lekkerste appeltaart, da’s wel zeker, bij bakkerij Diamanten Ring hebben ze Vermeers brood, ook ouderwets lekker, en in Café de Oude Jan, vanouds in de gulle handen van de familie Quack aan het Heilige Geest Kerkhof, zijn de versnaperingen wat koppiger van aard dan bij de óók zeer intieme theeschenkerij Leonidas aan de Choorstraat.

Wij werden door de muziek naar binnen gezogen bij ‘Uit de kunst’, knusse kledingzaak tevens café-restaurant vlakbij de Oude Kerk. Een verrukkelijke uitspanning. Annelies Hofland had er meeslepende maffiamuziek uit Sicilië opgezet en Jacco en Jopie, de twee papegaaien achterin de zaak, zongen uit volle borst mee. ‘Mooi hè!’ riep Jacco, terwijl Annelies tussen de drukke bediening door verse bloemen schikte. ‘I love joe!’ knerpte Jopie. Het leukste café van heel Delft, zeker weten.

“Maar dán zijn jullie nog niet in de Wereldzaak geweest”, riepen uitbaters Tijn en Annemiek Noordenbos prompt. Wéreldzaak? “Ons nieuwe restaurant aan de andere kant van het station, waar verstandelijk gehandicapten en uitkeringstrekkers in de bediening werken, mensen die willen instromen naar een reguliere baan.” Daar willen we zéker heen, doen we de volgende keer. “Vergeet dan niet tijdig te reserveren (info@dewereldzaak.nl)”, zegt Tijn, “want het restaurant is zo’n succes dat we bijna elke avond vol zitten.”